De digitale infrastructuur van morgen

De komende tien jaar verandert de wereld van digitale infrastructuur sneller dan ooit. Kunstmatige intelligentie vraagt exponentieel meer rekenkracht, energie wordt schaars en Europese regelgeving legt nieuwe spelregels op. Wat betekent dit?

Werkzaamheden Datacenter

Dertig jaar Interconnect is een mijlpaal, maar ook een tussenstation. De komende tien jaar verandert de wereld van digitale infrastructuur sneller dan ooit. Kunstmatige intelligentie vraagt exponentieel meer rekenkracht, energie wordt schaars en Europese regelgeving legt nieuwe spelregels op. Wat betekent dat voor een partij die al drie decennia bouwt aan betrouwbare connectiviteit?

“De uitdaging zit niet in méér doen,” zegt Rob Stevens, directeur bij Interconnect. “Het zit in zaken slimmer doen. Techniek groeit harder dan de infrastructuur eromheen, dus we moeten keuzes maken: welke capaciteit hebben we écht nodig, en waar zetten we die neer?”

De energierekening van innovatie

De groei van AI en data-intensieve toepassingen stelt datacenters voor ongekende eisen. “De rekenkracht die nodig is voor generatieve AI is gigantisch,” zegt Jeroen Stevens, directeur bij Interconnect. “Een enkele rek kan nu al honderd kilowatt verbruiken. Koelen kunnen we, dat is het probleem niet. De uitdaging zit in de stroomvoorziening. Nederland heeft simpelweg niet genoeg capaciteit om alles te huisvesten. Dus moet je nadenken over spreiding, efficiëntie en hergebruik van energie.”

Daarvoor zoekt Interconnect actief samenwerking met gemeenten, netbeheerders en energiecoöperaties. “We moeten van concurrentie naar koppeling,” zegt Rob. “Warmte die wij over hebben, kan elders gebruikt worden. Straks leveren datacenters niet alleen data, maar ook energie terug aan de samenleving.”

De technologie voor warmteterugwinning, waterkoeling en energieopslag ontwikkelt zich razendsnel. “Wat vandaag toonaangevend is, kan over twee jaar verouderd zijn,” zegt Jeroen. “Wendbaarheid is belangrijker dan ooit.”

AI als katalysator

AI is volgens Rob een kans, maar ook een kantelpunt. “AI gaat niet verdwijnen, in tegendeel. Het wordt geïntegreerd in alles wat we doen. Voor datacenters betekent dat: hogere dichtheden, complexere netwerken en meer dataverkeer. De uitdaging is niet of we het aankunnen, maar hóé we het duurzaam doen.”

Tegelijkertijd verandert AI de manier waarop datacenters worden beheerd. “We gebruiken het steeds vaker voor monitoring, storingsdetectie en voorspellend onderhoud,” zegt Jeroen. “AI helpt ons om efficiënter te werken, minder energie te verbruiken en fouten te voorkomen. De technologie die de belasting verhoogt, helpt ook om die belasting te verlagen.”

Hij verwacht bovendien dat AI de trend naar edge-computing versnelt. “Niet alles hoeft meer naar één centrale cloud. Door rekenkracht dichter bij de gebruiker te brengen, verminderen we transport, latency en energieverbruik. Dat past bij de manier waarop Europese infrastructuur zich ontwikkelt: fijnmazig, veerkrachtig en dichtbij.”

Europees denken, digitaal handelen

De digitale toekomst is niet alleen technisch, maar ook politiek. Europese datasoevereiniteit en nieuwe wetgeving, van de Data Act tot NIS2,  bepalen in toenemende mate hoe infrastructuur wordt ingericht.

“Europa moet zijn digitale autonomie bewaken,” zegt Rob. “We hoeven niet alles zelf te doen, maar we moeten wél weten waar onze data staan en wie er toegang toe heeft. Dat is geen angst, dat is verantwoordelijkheid.”

Jeroen vult aan: “De kracht van Europa zit in samenwerking. Niet in één reusachtig datacenter, maar in een netwerk van betrouwbare regionale hubs die samen de ruggengraat vormen van de digitale economie. Dat vereist vertrouwen tussen aanbieders — en transparantie richting klanten. Zij willen niet alleen capaciteit, maar ook zekerheid over herkomst, energie en continuïteit.

De volgende stap

Wat betekent dat concreet voor Interconnect? “We bouwen aan datacenters die flexibel zijn, energie kunnen delen, en klaar zijn voor toepassingen die we nu nog niet kennen,” zegt Rob. “Over tien jaar praten we niet meer over IT als dienst, maar over digitale infrastructuur als nutsvoorziening. Onzichtbaar, vanzelfsprekend, en cruciaal.”

Die visie vraagt om vakmanschap én nieuwsgierigheid, vindt Jeroen. “We blijven leren. De grootste fout die je kunt maken, is denken dat je klaar bent. Alles verandert: energie, hardware, software, regelgeving. En dat is precies wat dit werk zo mooi maakt.”

De toekomst van Interconnect ligt niet vast in stenen of servers, maar in keuzes: in innovatie die niet alleen sneller, maar ook slimmer en schoner is. Rob Stevens vat het samen:
“Onze sector is de motor van digitalisering. De kunst is om die motor te laten draaien zonder hem te laten doorslaan.”